In een gesprek met collega’s ging het laatst over zelf-vervulling (self fulfillment) in het werk. En hoe belangrijk dat is om ‘goed werk’ te leveren en om eigenaarschap te voelen. De term ‘goed werk’ is geïnspireerd op het boek Good Work, when excellence and ethics meet, van Gardner, Csikszentmihalyi en Damon. Zij komen tot de conclusie dat de meeste professionals streven naar ‘goed werk’: werk dat goed is (excellent), goed doet (ethisch verantwoord) en goed voelt (energie geeft). In haar boek ‘De queeste naar goed werk’ onderzoekt Manon Ruijters wat goed werk betekent voor professionals en hoe je een lerende organisatie vorm kunt geven.
Er is veel geschreven over het idee dat je het beste werk levert als het je ‘vervulling’ geeft, dat het je goed doet, verder brengt, energie geeft, enzovoort. Ken Robinson schreef over ‘in je element zijn’ wat betekent dat je floreert als je doet wat je goed kan, én waar je blij van wordt. Dat hoeft niet altijd samen te vallen, je kunt aardig goed zijn in dingen waar je weinig energie van krijgt. Ik ben bijvoorbeeld gaan werken in de geo-informatiekunde omdat ik in mijn droomvakgebied, natuur- en milieueducatie, geen betaald werk kon vinden. Dat ging best goed, maar ik heb ook ervaren dat je soms zelfs onder je kunnen gaat presteren als je geen energie krijgt van wat je doet. Een collega verwoordde het laatst heel mooi: “Dan val je jezelf en anderen tegen en ga je aan jezelf twijfelen.” Ik merkte dat eigenlijk pas echt achteraf, toen ik ander werk ging doen. Bij het opzetten van de nieuwe opleiding Human Technology kwam ik steeds meer ‘in mijn kracht’, zoals dat in niet zo mooi Nederlands heet, en nu ben ik gepromoveerd in de onderwijskunde en krijg ik veel energie van mijn huidige onderzoek met studenten en docenten. Dat voelt heel goed, ik ben weer in mijn element.
Bij het stukje ‘is goed’ en ‘excellentie’ heb ik wel vragen. Excellentie roept bij mij iets op van extra goed werk moeten leveren, er bovenuit moeten steken. En stress. Waarom niet gewoon ‘goed genoeg’? Het heet ook ‘goed werk’, niet ‘excellent werk’. Misschien is excellentie wel niet het juiste woord, het zou voor mij meer moeten gaan over het optimaal inzetten van je talenten, wél zo goed mogelijk maar niet perfect of foutloos of met gegarandeerd goed resultaat. Zoals ze vroeger in de cursussen van Landmark zeiden: be 100% committed, but don’t be attached to the result. Dat heeft mij trouwens wel wat tijd gekost om te begrijpen dat je ergens je uiterste best voor kunt doen en er tegelijk goed mee kunt omgaan als je dan toch niet het gewenste resultaat bereikt. Het kan natuurlijk wel zo zijn, dat je boven jezelf uitstijgt als je werk doet dat goed voelt en goed doet.
Vaak ben ik in mijn werk vooral bezig met het gedeelte ‘is goed’ van het goede werk. Natuurlijk sta ik ook wel stil bij ‘doet mijn werk goed’ – wie wordt er beter van mijn werk, wordt de wereld er beter van – maar al minder. En het laatste, ‘voelt het werk goed’, die vraag stel ik me denk ik nog te weinig. En waarom?
Ergens zit er een stemmetje in mij dat zegt: “dat hoort bij een ‘dikke ik’ (zie Harry Kunneman), is niet wenselijk en niet relevant, het leven hoeft niet altijd leuk te zijn, als het fijn is om te doen dan is dat mooi meegenomen maar het gaat erom dat je je best doet en bijdraagt aan het grotere geheel (of om überhaupt betaald werk te hebben). Als je iedereen alleen zou laten doen wat hen zelf goed doet zou er veel nuttig werk helemaal niet gebeuren.” Over aannames en waarden gesproken.
Maar zoals wel vaker het geval is (eigenlijk heel vaak de laatste tijd in de dingen waar ik mee bezig ben) lijkt het mij dat om ‘goed werk’ te kunnen doen de combinatie van en de balans tussen de drie belangrijk is, dus dat goed zijn, goed doen en goed voelen van het werk voldoende met elkaar in evenwicht zijn. Ik denk dat we dat onze studenten ook moeten meegeven. We beoordelen hun werk meestal in termen van ‘is goed’ (of niet) in de zin van wel of niet voldoen aan de leeruitkomsten. Ik denk dat we meer gesprekken met hen zouden kunnen voeren over ‘doet goed’ en ‘voelt goed’ – of misschien beter: geeft energie. Want werk hoeft natuurlijk niet altijd makkelijk of leuk te zijn om toch ‘goed te voelen’ of om als zinvol of vervullend te worden ervaren. Dus een ‘dikke ik’ worden is misschien niet zo nodig, maar je bewust zijn van wat je energie geeft en waar je echt tot je recht komt en echt een bijdrage kunt leveren is denk ik onmisbaar in een complexe en snel veranderende wereld. En dat geldt natuurlijk niet alleen voor onze studenten…